De enige afstand waarop Nederland kansloos voor een olympische schaatsmedaille lijkt

De enige afstand waarop Nederland kansloos voor een olympische schaatsmedaille lijkt

Acht van de 189 te verdelen wereldbekermedailles op de 500 meter voor vrouwen gingen de afgelopen vijf en een half jaar naar Nederland. Laat dat gerust even op je inwerken. Het schaatsniveau in Nederland ligt in de breedte enorm hoog, maar als je dan toch een zorgenkindje moet aanwijzen, is het wel de 500 meter bij de vrouwen.

Foto: SchaatsFoto’s

Lichtjaren verschil
Behalve Jorien ter Mors, die als ze een wereldbeker over 500 meter rijdt meestal wel een zekerheidje voor de top tien is, heeft Nederland op dit moment niemand die in de buurt komt van de eerste tien plekken op de kortste afstand. De beste Nederlandse klassering in dit wereldbekerseizoen is een vijftiende plaats. De internationale top (lees: Nao Kodaira) ligt lichtjaren voor op de Nederlandse top.

Dat bleek zondagavond wel, toen in Calgary de vijfde wereldbekerrace van het seizoen over 500 meter verreden werd. Schakelde je rond half negen in om te kijken hoe de Nederlandse vrouwen het ervan af brachten, dan kwam je bedrogen uit. Tot de twintig deelneemsters in de A-groep behoorde niet één Nederlander. De laatste keer dat dat gebeurde was in december 2009, toen bij de wereldbekerwedstrijd in Salt Lake City geen enkele Nederlander actief was in de hoogste divisie bij de 500 meter voor mannen.

Inhaalslag
Destijds was de 500 meter bij de Nederlandse mannen dezelfde bron van zorgen als dat hij dat bij de Nederlandse vrouwen nog steeds is. De heren hebben met de generatie van de gebroeders Mulder en Jan Smeekens sinds 2011 echter een inhaalslag ingezet, met het volledig oranjegekleurde podium op de 500 meter bij de vorige Olympische Spelen als hoogtepunt. Tegenwoordig heeft Nederland met Kai Verbij, Dai Dai Ntab en Hein Otterspeer in totaal zelfs zes mannen die het in zich hebben een internationale 500 meter te winnen.

De inhaalslag van de mannen is bij de vrouwen niet ingezet. Ja, Margot Boer, Annette Gerritsen en Thijsje Oenema hebben Nederland de voorbije jaren meerdere internationale medailles bezorgd, waaronder het olympisch zilver van Boer in Sotsji. Maar op de hoogste trede van een internationaal podium stonden deze dames gezamenlijk slechts twee maal: Gerritsen slaagde er twee keer in om een wereldbekerwedstrijd te winnen.

Seizoen: Aantal Nederlandse wereldbekermedailles met daarachter aantal wereldbekerwedstrijden over 500 meter: Notering beste Nederlandse bij WK afstanden of Olympische Spelen op de 500 meter:
 
2017/2018: 0 (5 wereldbekerwedstrijden)
2016/2017: 0 (10 wereldbekerwedstrijden) 9e (Jorien ter Mors)
2015/2016: 2 (12 wereldbekerwedstrijden) 4e (Jorien ter Mors)
2014/2015: 2 (12 wereldbekerwedstrijden) 4e (Thijsje Oenema)
2013/2014: 0 (12 wereldbekerwedstrijden) 2e (Margot Boer) *
2012/2013: 4 (12 wereldbekerwedstrijden) 5e (Thijsje Oenema)
2011/2012: 4 (12 wereldbekerwedstrijden) 3e (Thijsje Oenema)
2010/2011: 8 (12 wereldbekerwedstrijden) 4e (Annette Gerritsen)
2009/2010: 10 (12 wereldbekerwedstrijden) 4e (Margot Boer)
2008/2009: 4 (13 wereldbekerwedstrijden) 6e (Margot Boer)


* Margot Boer kreeg na de 500 meter in Sotsji het brons omgehangen. Doordat Olga Fatkulina (zilver) schuldig is bevonden aan het gebruik van doping, is Boer de nieuwe nummer twee in de uitslag.

Geen gelukkige combinatie
Heel anders is het in de jaren voor de generatie van Boer, Gerritsen en Oenema nooit geweest op de 500 meter bij de Nederlandse dames. Het is exemplarisch dat de medaille van Boer in Rusland de eerste Nederlandse plak in de olympische geschiedenis op de 500 bij de vrouwen was. Op geen enkele andere afstand bij de mannen of vrouwen won Nederland minder olympische medailles. En zo zijn er nog tal van statistieken waarmee je kunt aantonen dat de 500 meter en de Nederlandse vrouwen nooit een gelukkige combinatie zijn geweest.

Sinds Boer, Gerritsen en Oenema hun topniveau niet meer bereikten of (noodgedwongen) zijn gestopt, is Nederland op de 500 meter weer waar het was voordat de loopbanen van het drietal begonnen. Al anderhalf seizoen stond er geen Nederlandse vrouw meer op het wereldbekerpodium. Het is mooi dat talenten als Femke Beuling (17) en Helga Drost (19) debuteren in wereldbekerverband en het betekent dat er aanwas is, maar tegelijkertijd is het een teken van armoede: op geen enkele andere afstand zien we Nederlandse schaatsers van dergelijke leeftijd die ook al wereldbekers rijden.

Dit weekend mogen Marrit Leenstra, Janine Smit, Sanne van der Schaar en Lotte van Beek de Nederlandse eer op de 500 meter hoog gaan proberen te houden bij de wereldbekerwedstrijd in Salt Lake City. Een positieve noot: met de deelname van Marrit Leenstra in de A-groep ligt het Nederlandse dieptepunt van Calgary in elk geval achter ons.

Powered by Calculate Your BMI
%d bloggers liken dit: